Soms voel ik me als een vlieg die niet omhoog kan komen uit een stroperig moeras, of als een moedeloze inzakkende kwal. Wat ik ook probeer om vrediger te worden, meer ontspannen, welke technieken ik ook probeer om in een hoger bewustzijn te komen, of mij niet door obsessieve gedachten te laten bepalen, het lijkt niet te lukken, ik kom geen millimeter omhoog, er verandert niets.
Die ervaring zullen veel mensen hebben. Ik hoorde iemand die moedeloosheid eens uitspreken met de volgende woord: ' Zen zegt het gaat niet om de vinger die naar de maan wijst (dat is de aangeraadde methode, of dit blog of een boek dat de weg wil wijzen), maar om de ervaring van de maan zelf. Maar ik bereik die ervaring nooit of veel te weinig!' .
Deze klacht sprak iedereen die het hoorde, sterk aan; iedereen werd er stil van: omdat iedere mens zo goed herkent iets heel graag te willen ervaren of bereiken en dat het ondanks dat toch niet of nauwelijks lukt.
Langzamerhand heb ik mijzelf aangeleerd om met die frustratie om te gaan, en niet in moedeloosheid te blijven hangen wanneer ik iets dat ik graag zou willen, niet bereik.
Te veel willen is té actief, tevéél een wilsakt in plaats van mij open te stellen voor wat er precies in mij gebeurt. Dit ' teveel' ben ik gaan voelen, met name en eerst in mijn lijf. ' In plaats van dit té veel, is er dan wel iets dat ik kan doen, of moet ik passief afwachten tot ' het ' gebeurt?' , heb ik mij in wanhoop afgevraagd.
Totdat ik helder kreeg dat het niet om passiviteit gaat, maar wel degelijk om een bepaalde vorm van actie. ik merkte dat mij werkelijk openstellen voor wat er gebeurt in mij wel om een actieve concentratie vraagt. Die aktieve aandacht richt zich precies op de pijnervaring, de moedeloosheidservaring, want de bewustwording daarvan laat de moedeloosheid verdwijnen en tot rust komen, merkte ik op den duur. Dát is nu precies de helende kracht van ons bewustzijn, waar ik eerder over schreef.
Maar er gebeurt zelfs nog meer. Het bewust willen en durven ervaren van de traagheid of moedeloosheid ging bij mij vanzelf over in compassie, met mijzelf en met de andere mens die bezig is in dit aardse bestaan. En vooral met hen die zo hartstochtelijk willen omdat ze een glimp vermoeden of hebben opgevangen van wat mogelijk zou moeten zijn.
Ik merkte iets wonderbaarlijks. In de opkomende compassie verzachtte mijn eigen strengheid en ontstond een warme sympathie voor mijzelf en anderen. En zo werd het mogelijk voor mij om te zien dat de gewilde ervaring (' van de maan' ) als vanzelf van binnenuit kwam en dat voel ik dan ook op begenadigde momenten.
Omdat ik dan -denk ik - in die momenten niet meer zo op de veronderstelde beperking in mijzelf geconcentreerd ben en wat afstand neem van de aangepraatte gedachte dat alles in dit ondermaanse moeizaam gaat en je hard moet werken om iets te bereiken. Zo ontstond er meer ruimte in mijn eigen innerlijk. Mijn aktieve wil verzacht dan, mijn adem wordt rustiger en de zo graag gewilde ervaring (' de maan') is dan soms aanraakbaar en komt vanzelf dichterbij.
Juist omdat het zo graag willen van een hogere staat van bewustzijn een valkuil kan zijn, is Eckhart Tolle niet direct een voorstander van hevig mediteren, maar adviseert hij mensen om bij toevallige mooie of diepere ervaringen, wanneer zij komen, even stil te blijven staan.
Het pijnlichaam.
De valkuil om in de moedeloosheid te blijven hangen, is door Eckhart Tolle als de verslaving aan het ' pijnlichaam' aangeduid. Hij geeft een verklaring voor het feit dat het ons vaak niet lukt om hogere, diepere, ' mooiere ' ervaringen te bereiken die je in boeken of in dit blog beschreven vindt terwijl je dat toch zielsgraag wilt. Waarom blijven we steken in de aanwijzing, bij de vinger die verwijst en komen we niet bij waar de vinger naar verwijst?
Dat komt omdat je dan in moedeloosheid of frustratie blijft hangen, daarover blijft klagen, in plaats van de moedeloze ervaring te onderzoeken en zo verder te komen.
Eckhart Tolle heeft daarvoor een verklaring gevonden en een naam voor dit probleem bedacht. Hij noemt het ' het pijnlichaam'. Dat is een verscheurend beest, een hongerige wolf in ons, die we blijven voeden door ons klaaggedrag. Iedere keer als we weer klagen, wordt hij levend en springt omhoog in ons en zo blijven we in vicieuze cirkels hangen en gebeurt er nooit iets nieuws of leuks.
Waarom blijven we dan klagen, als we het mechanisme door hebben, zijn we dan zo stom? Omdat we een houvast zoeken, angst regeert ons. We stellen ons als machteloze kinderen op die zeuren, klagen, in plaats van op een moedige manier dat waarover we klagen, de moedeloosheid of de frustratie onder ogen te zien, erbij stil te staan en het tot in onze geest en ons lichaam te willen voelen en zo te onderzoeken.
Het heeft lang geduurd voordat ik dit mechanisme in mijzelf door had en er een halt aan durfde roepen. En nog merk ik soms, dat ik al een tijd bezig ben me in dat soort moedeloze gedachten te verdiepen voordat ik dit door heb. Direct kappen ermee is dat de enige remedie.
Zowel in mijzelf had ik het klaaggedrag vroeger helemaal niet door, maar ook cliënten die bij mij kwamen om hulp, durfde ik er niet meer te confronteren.
De voornaamste reden waarom ik daar niet aan wilde, aan de erkenning van klaaggedrag, was wel omdat ik gewoon niet kon geloven dat ik bij machte zou zijn, daar een halt aan toe te roepen. Zo ingesleten was dit gedrag. Het wordt ook gevoed door de maatschappij, waar kankeren een veel voorkomend fenomeen is. Het is niet alleen een makkelijk gedrag, maar het ontslaat je ook van eigen actie. Bekende uitspraken zijn: ' je bent te oud om nog te veranderen, het zit nu eenmaal in je karakter. De wereld wordt toch niet beter, simpele idealist. Mensen gaan alleen maar voor eigenbelang, enz enz.
Het is veel prettiger om een gevoel te hebben, dat je jezelf aankan, en dat er een weg is om meester te worden over jezelf en de maatschappij kan innoveren.
Een cliënte van mij was ook - in de feedback een jaar later - blij dat ik haar met klaaggedrag geconfronteerd had. Vorige therapeuten deden dat niet, omdat veel therapeuten ethen therapie te lang maken, of vanwege de methode die ze hanteren, of omdat zij hun eigen bestaan pas zin kunnen geven in het helpen van anderen en dus belang hebben bij het van hen afhankelijk blijven van hun cliënten. De confrontatie met haar klaaggedrag deed ik natuurlijk niet in de eerste sessie met bovengenoemde cliënte.Mensen hebben soms immers ook redenen om hun gal te spugen over vroeger, of om daar aandacht en ruimte voor te krijgen. Maar als er een bepaald inzicht ontstaan is over hoe iets gekomen is vanuit je verleden, is de tijd gekomen je leven in eigen handen te kunnen nemen.
Cliënte had een eigen middel gekregen om zich in het leven verder prettig te kunnen redden. ' Je moet het bijhouden' , zei ze, ' dat onderzoek en dat toelaten van stemmingen in jezelf. Zoals je af en toe je nagels moet knippen, zo moet je ook af en toe je innerlijk verzorgen'.
' Mijn zieleruimte' voegde ze daar nog aan toe.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten